|
Zon, wind, water, omgevings- en
aardwarmte zijn de belangrijkste bronnen van duurzame energie. Biomassa is ook
een bron van duurzame energie, onder voorwaarde dat het op een schone manier in
energie wordt omgezet en dat er rekening wordt gehouden met de natuurlijke
voorraden van bomen en planten.
De technieken waarmee duurzame bronnen in energie worden omgezet zijn:
-
zonthermische installaties (zonnecollectoren) voor het verwarmen van water met
behulp van zonnewarmte;
-
fotovoltaische installaties (zonnepanelen) voor de elektriciteitsopwekking uit
zonlicht;
-
windmolens voor de elektriciteitsopwekking, inclusief de kleine windmolens die
in gebouwde omgeving kunnen worden toegepast;
-
waterkrachtcentrales voor de elektriciteitsopwekking op basis van waterval-,
getijbeweging, golfenergie of oceaanstromingen;
-
biomassa installaties worden gebruikt voor de opwekking van warmte en
elektriciteit;
-
warmtepompen voor de ruimteverwarming en/of warmwaterbereiding met behulp van
de omgevingswarmte;
-
seizoen opslag waarbij warmte of koude in ondergrondse watervoerende lagen
wordt opgeslagen om later voor verwarming, respectievelijk koeling, te worden
gebruikt;
-
aardwarmte kan, afhankelijk van het temperatuurniveau, voor de ruimteverwarming
of voor de elektriciteitsopwekking worden gebruikt.
Gasexpansieturbines, stortgasinstallaties, warmtekracht installaties en
afvalwarmte maken op zich geen gebruik van duurzame energiebronnen, maar
leveren, vanwege een schoon omzettingsproces en hoge efficiency een besparing
van fossiele brandstoffen en een grote bijdrage aan de verduurzaming van
energielevering.
|